Verslag adviescommissie 1e open oproep

v.l.n.r. Lili Schutte, Jan Bonjer (vz.), Paulien Dresscher, Anne Mieke Eggenkamp, Theo Andriessen, Bas Haring, Barbara Visser
commissie The Art of Impact

De commissie is positief verrast door de opbrengst van de eerste open oproep van The Art of Impact. Uit de grote hoeveelheid aanvragen blijkt dat veel kunstenaars en instellingen van binnen én buiten de culturele sector al actief zijn op het grensvlak van kunst en samenleving en op zoek zijn naar manieren om hun impact daarop te vergroten. De aanvragen geven een rijk overzichtsbeeld van de projecten en initiatieven die binnen en tussen verschillende kunstdisciplines en maatschappelijke domeinen worden ontwikkeld en uitgevoerd.

Grote diversiteit
De commissie heeft geconstateerd dat de ingediende plannen divers zijn. Er bestaan veel initiatieven van ervaren kunstenaars en culturele instellingen die hun bestaande praktijk voortzetten en daarbij de maatschappelijke impact van hun werk willen vergroten. Daarnaast zijn er veel initiatieven van beginnende kunstenaars en collectieven en van instellingen buiten de culturele sector die op originele en soms innovatieve wijze proberen een artistieke praktijk te verbinden aan een maatschappelijk vraagstuk – of andersom. Ten slotte zijn er veel initiatieven die ontstaan zijn uit partnerschappen tussen culturele en maatschappelijke partijen.

Onder de gehonoreerde aanvragen bevinden zich initiatieven uit al deze categorieën: van uiterst ervaren, professionele partijen die aan hoge standaarden voldoen, tot beginnende of onervaren aanvragers met wellicht minder voldragen, maar bijzonder originele en vernieuwende plannen, tot aanvragers die geloofwaardige, duurzame en productieve samenwerkingsverbanden aangaan met partijen buiten het eigen veld.

Beoordeling
Aanvragen hebben binnen het kader van de open oproep geen prioriteit gekregen wanneer de artistieke kwaliteit nadrukkelijk ondergeschikt was aan de maatschappelijke of participatieve impact of andersom, of wanneer het beoogde project vooral gericht was op het delen van een cultuurbeleving met een bepaalde doelgroep. Juist in de samenwerkingen tussen kunstenaars of culturele instellingen met maatschappelijke partners heeft de commissie gekeken of er sprake was van projecten voor de maatschappij of met en door de maatschappij. In een aantal gevallen bleven plannen beperkt tot de bestaande beroepspraktijk van kunstenaars of instellingen, zonder dat er sprake was van een maatschappelijke of juist artistieke component.

Bij de beoordeling van de aanvragen zijn vijf criteria leidend geweest: de kwaliteit van de aanvrager, de onderscheidende artistieke kwaliteit en impact van het plan, de maatschappelijke waarde en impact van het plan, de kwaliteit van de begroting en de mate van ondernemerschap en tot slot de kwaliteit en meerwaarde van eventuele samenwerkingsverbanden. Het centrale begrip impact is door de adviescommissie geïnterpreteerd als beïnvloeding, bewustwording, duurzame verandering of verbetering van een situatie of als een ingrijpende poëtische ervaring.
In een groot aantal aanvragen bleek het vinden van de juiste balans tussen maatschappelijke en artistieke relevantie een kwetsbaar aspect. Daarnaast werd niet altijd scherp onder woorden gebracht wat de betekenis of de urgentie van het plan is voor het maatschappelijke thema of vraagstuk waartoe het zich verhoudt. De commissie constateerde dat met name de artistieke component in een aantal aanvragen opvallend behoudend en conventioneel was. Tot slot stelde de commissie vast dat goed ondernemerschap gaat over het goed kunnen uitdenken van een plan, het overzien van de consequenties, het navolgbaar vertalen van een plan in een begroting en het zoeken van de juiste partners voor de financiering van het plan. De commissie is van mening dat die mate van ondernemerschap in veel plannen ontbrak.

De plannen waarover de commissie een positief advies heeft uitgebracht zijn verdeeld over alle kunstdisciplines en de geselecteerde maatschappelijke domeinen. De disciplines film en literatuur zijn daarbinnen beperkt vertegenwoordigd, zoals ze dat ook waren binnen het totale aantal ingediende aanvragen. De disciplines beeldende kunst, design en podiumkunsten (en daarbinnen met name theater) waren zowel binnen het totale aantal ingediende aanvragen als onder de gehonoreerde aanvragen goed vertegenwoordigd. Van de geselecteerde maatschappelijke domeinen zijn de thema’s zorg & welzijn en leefbare wijk & stad het sterkst onder de aanvragen vertegenwoordigd. Een aanzienlijk kleiner aantal aanvragen was gericht op de thema’s energie & klimaat en (circulaire) economie. Daarnaast heeft een deel van de aanvragers gekozen voor een afwijkend maatschappelijk thema of vraagstuk, waaronder privacy en vluchtelingenproblematiek.
De geografische spreiding van honoreringen is overeenkomstig met de spreiding die het totaal aantal aanvragen liet zien.

Evaluatie en aanbevelingen
De leden van de adviescommissie hebben de aanvragen in eerste instantie aan de hand van de criteria en vervolgens vanuit hun eigen expertise en referentiekader gewogen. Onderlinge ondervraging over waardering en onderbouwing binnen de commissie heeft geleid tot een gebalanceerde beoordeling van de aanvragen. Verdiepende gesprekken met een tiental aanvragers hebben daar in tweede instantie aan bijgedragen. De commissie stelde in de evaluatie van de werkwijze vast dat vraag- en antwoordsessies met aanvragers een grote toegevoegde waarde kunnen hebben en binnen de gegeven beoordelingstermijn een nog hogere prioriteit verdienen. The Art of Impact neemt deze aanbeveling mee in de voorbereiding van de tweede open oproep.

Amsterdam, 16 juli 2015